Interviews6 maart 2026

And you saw the Crucifiction, or was it the Resurrection?

GARY ASQUITH ABOUT ALL THINGS REMA-REMA AND BEYOND·Jan DENO

Hallo Gary, ik wil het eerst graag hebben over de geschiedenis van Rema-Rema en de nasleep ervan, voordat ik dieper inga op je meer persoonlijke werk, met name je rol als curator van de Rema-Rema-catalogus en het soundtrackalbum van Marco Porsias documentaire over Rema-Rema: ‘What You Could Not Visualise’.

Ik heb altijd geloofd dat God me op deze aarde heeft gezet om dingen te zeggen die anderen vaak niet durven zeggen of waar ze nog niet aan hebben gedacht. Trek je eigen conclusies. Hoe groter je schep, hoe meer je zult ontdekken met mijn repertoire.

“We’ve All Got Something To Sell, We’ve All Got A Story To Tell”

Zoals de documentaire ons leert, is Rema-Rema ontstaan uit de as van de punkband The Models, met ex-leden Mick Allen en Marco Pironi – bekend van de eerste bezetting van Siouxsie and the Banshees en hun concert op het 100 Club Punk Festival in 1976 – aangevuld met Mark Cox, jou en drummer Dorothy ‘Max’ Prior, die we voorlopig Max zullen noemen. Jullie hadden allemaal een punkachtergrond, maar waren vastbesloten om muziek te maken die nog nooit eerder gemaakt was. Punk was ‘dood’ sinds Sid Vicious zich bij de Sex Pistols had aangesloten, zo hadden Max en Marco afgesproken. Nou, jullie gaven de punk-ethos wel een serieuze draai, nietwaar?

We hadden allemaal het geluk jong te zijn en in 1976-77 behoefte te hebben aan jeugdige inspiratie. Na de flamboyante glamrockbeweging die begin jaren 70 was ontstaan, was punkrock meer een kwestie van casual dan chic. Er waren zoveel bands die je elke avond moest zien en beluisteren dat de tijd leek stil te staan en langzaam verdampte als een vloeistof die in gas verandert.

“Slow down you’re moving too fast”

Een van mijn favoriete uitspraken is ‘post-punk don’t care’. Het gaat er niet om waar je je inspiratie vandaan haalt en hoe je die in je werk verwerkt, het gaat er niet om of je kleding wel of niet bij de punkscene past. Een vriendin die meeschreef aan het boek over de Antwerpse en Belgische punkscene vertelde me dat er in het begin sowieso geen ‘punkuniform’ bestond. “We zagen er gewoon anders uit. Het veranderde toen mensen mohawks begonnen te dragen en zich op een bepaalde manier uniform gingen kleden. Toen wisten we dat de vaart van de originele punk voorbij was.” Ik ben het met haar eens dat de muziek die na de punk kwam interessanter was.

Oh, wacht eens even... Je hebt bij mij net een herinnering uit de vroege jaren 80 opgeroepen, toen ik samen met Peter Kent, de toenmalige maestro en oprichter van 4AD, op bezoek was bij Marc Desmare van de band La Muerte in Brussel. Ik herinner me dat ik een kamer in Marcs huis binnenliep waar een poster van de hoes van Adam and the Ants’ ‘Kings Of The Wild Frontier’ aan de muur hing. Ik weet nog dat ik probeerde te bedenken of ik het nou mooi vond of niet? Ik stond even als een konijn in de koplampen.

Eerder had ik vastgezeten in een file in Battersea, in Zuidwest-Londen – ik kom uit West-Londen – met de radio aan. Adam werd geïnterviewd over zijn nieuwe bandbezetting en ik herinner me dat hij het over Marco Pirroni had alsof die de nieuwe gitaarmessias was die hij had gered van het onwaardige, melancholieke Rema-Rema. Het was alsof we Marco hadden gedwongen tot een leven van losbandigheid en nietswaardigheid, een leven dat alleen een ridder op een zilveren paard kon herprogrammeren tot de superster die hij verdiende te zijn. Adam was de alchemist en ik was een van de trieste, eenzame misbruikers.

Zonder dat iemand die die dag naar de BBC-radio luisterde het wist, was ik gestopt met geloven in feeën toen de tandenfee mijn tand onder mijn kussen niet in een shilling veranderde toen ik een baby in een korte broek was. Ik hield van de originele Adam and the Ants-bezetting en gaf de voorkeur aan hun vroegere muziek boven wat later die betekenisloze popextravaganza werd. Ik heb de nieuwe incarnatie nooit afgekeurd, ik gaf gewoon de voorkeur aan de originele nummers, ‘Give That Dog A Bone’. Ik had een kraam moeten beginnen met gebroken koekjes!

Achteraf bezien ben ik het ermee eens dat degenen met een ontluikende geest die in het punkrockkamp begonnen, vaak de grootste presteerders en ware vernieuwers van de volgende generatie waren. “Stop niet al je centen in dezelfde spaarpot.” Ik had net mijn leerperiode bij Rema-Rema afgerond en ben nu een professionelere en meer volwassen alcoholist/drugsverslaafde en verhalenverteller met grotere ambities. BOEM.

Oorspronkelijk bestond er geen specifieke stijl binnen de punkrock en hing de stijl die je droeg af van je eigen verbeelding. Sommige mensen hadden geen verbeelding en dus ook weinig stijl. Malcolm McLaren en Vivian Westwood ontwierpen kleren voor een kleine minderheid van de doorsnee punkrockers. Dat waren ongetwijfeld prachtige creaties, maar voldeden ze niet aan de behoeften van de punkrockers uit de middenklasse met een dikkere portemonnee, in plaats van aan die jongeren uit de arbeidersklasse die de beweging op gang brachten? Oordeel zelf!

Om Ivo Watts-Russell te citeren: “Vijf bijzondere individuen en de muziek die ze maakten, brachten deze oude man tot tranen.” Wanneer had je het gevoel dat het feit dat jullie met vijf personen waren, de eenheid juist in de weg stond? Of vind je dat ieders inbreng juist op een mooie manier in de muziek terechtkwam?

Uit mijn eigen ervaring met verschillende muziekprojecten weet ik dat het lastig is om de persoonlijkheid van de betrokkenen en hun individualiteit binnen de groep te behouden, onafhankelijk van hun eigenbelang. Ego’s zijn onuitstaanbare bijkomstigheden die vrijelijk door creatieve geesten stromen en vaak tot iemands ondergang leiden. Geloof draait om de gemeenschap, niet om de individuen die het geloof verkondigen.

Om Peter Kent en Ivo Watts-Russell te citeren: “Rema-Rema heeft een eigen stijl gecreëerd.” Hoe vond je dat toen en hoe denk je daar nu over? (Jullie werkten ook samen met Malaria!, maar daar komen we nog wel toe.)

Ik heb altijd het gevoel gehad dat de leden van Rema-Rema een onstuitbare vindingrijkheid bezaten, en dat vind ik nog steeds. We hadden een sterke werkethiek en boekten in korte tijd veel vooruitgang. Malaria! leek me, voor zover ik begreep, een vergelijkbare instelling te hebben, mede dankzij de tijd die ik met hen heb doorgebracht toen ik in 1981 in Berlijn woonde. Ik vond het idee van een meidenband zonder al die ongewenste mannelijke testosteron altijd aantrekkelijk. Het opnemen van de Mutabor!-nummers met de meiden van Malaria! in Berlijn was een welkome afwisseling op de waanzin van het opnemen van het album ‘Labour Of Love’ door Mass op 4AD.

Rema-Rema speelde zijn eerste optreden op 1 januari in het pakhuis Mayhem van Toyah Wilcox. Ook voor andere optredens koos Rema-Rema vaak voor ongebruikelijke locaties. Zo werd Rema-Rema een keer ondersteund door beelden uit de film ‘Things To Come’ van H.G. Wells. Herinnert u zich deze gebeurtenissen en de keuze voor deze werkwijze voor optredens nog?

We probeerden altijd interessante plekken in en rond Londen te vinden om live op te treden, en multimedia-evenementen met films leken een voor de hand liggende keuze. Ontsnappen aan de pest en anarchie voor een scène in de ruimte met de film ‘Things To Come’ van H.G. Wells uit 1936 was een perfecte keuze, en later speelden we met de film ‘The Man With The Golden Arm’, maar dat was misschien met de groep Mass?

Ik herinner me de optredens van Toyah Mayhem en Nagasaki Ballroom nog goed. Het was een koude avond en ik zat te kletsen met Banshee Steve Severin en Steve Strange, wat me behoorlijk op de zenuwen werkte. Het was ook de eerste keer dat ik sprak met Kevin Mooney, de toekomstige bassist van Adam and the Ants, die in het voorprogramma speelde, genaamd European Cowards. Tijdens het ‘Screen On The Green’-concert, na de vertoning van ‘Things To Come’, weet ik nog dat Jah Wobble en Keith Levine vlak voor het podium zaten en al vroeg in ons optreden weggingen. Ik vroeg me af of we te veel lawaai maakten of wat er in hun hoofd omging. Verder schiet me niet veel te binnen. Het is een vreemd toeval dat Kevin een paar jaar later in dezelfde band zou spelen als Marco Pirroni, bij Adam and the Ants.

Rema-Rema bestond van 1978 tot die noodlottige 14 november 1979, toen Marco Pirroni aankondigde dat hij zich bij Adam and the Ants zou voegen. Wat herinner je je van die gebeurtenis? Marco was ook het enige ex-lid van Rema-Rema dat weigerde mee te werken aan de documentaire ‘What You Could Not Visualise’. Weet iemand wat hij van het eindresultaat van de documentaire vond?

Oh, ik wist niet dat het 14 november was toen Marco belde om voorgoed afscheid te nemen. Het had beter gepast op Guy Fawkes Night, 5 november. Ik hou van verrassingen en de geur van buskruit. Ik heb geen idee wat Marco van de documentaire vindt en ik denk dat het waarschijnlijk maar goed is dat hij er niet bij betrokken was als hij zich gemarginaliseerd voelt of wrok koestert. Hij zal altijd een speciaal plekje in mijn herinneringen hebben, omdat ik in 1978/79 meer tijd met Marco heb doorgebracht dan met wie dan ook op aarde en we altijd samen hebben gelachen. Ik heb een mooie herinnering aan het schrijven van het nummer ‘Short Stories’, alleen met Marco in zijn slaapkamer, nadat ik de tekst de avond ervoor had geschreven.

“Those People Over By The Mounds Are Looking Like Casts Of Plaster”

Omdat er gesprekken waren met Peter Kent en Ivo Watts-Russell om materiaal van Rema-Rema uit te brengen nadat ze de naam van hun label hadden veranderd van AXIS naar 4AD, en Marco – na een productief optreden met Human League en Siouxsie in Banshees – de stekker eruit had getrokken, was de ep ‘Wheel In The Roses’ (4AD nummer BAD 5) een postume uitgave. Het materiaal dat niet op de ep stond – maar later wel op verschillende releases verscheen op Le Coq Musique, Inflammable Material en opnieuw 4AD – klinkt echter veelbelovend.

Optreden in het Rainbow Theatre met The Banshees en Human League was een doorbraakmoment voor Rema-Rema. We hadden een groter podium en een groter publiek, en we speelden echt goed. We wisten mensen te overtuigen die nog nooit van ons hadden gehoord. Het meest bijzondere vond ik David Bowie die aan de zijkant van het podium stond toen we opkwamen. We breidden ons publiek uit!

Ik herinner me dat ik een cassette-opname van International Scale vond toen ik aan het opnemen was met Renegade Soundwave en dacht: “Wow, dit klinkt nog steeds echt goed.” Ik besloot met de secretaresse van Daniel Miller te praten om een afspraak te maken om te kijken of Mute geïnteresseerd zou zijn om het uit te brengen. Daniel leek het nummer wel te waarderen, maar wimpelde me beleefd af. Je weet wel, zoals die kerel die wat roos op zijn schouder heeft en het er even afveegt voordat hij de badkamer verlaat om naar het feestje te gaan. Achteraf dacht ik dat het waarschijnlijk diplomatisch was, omdat Rema-Rema nog altijd verbonden was aan 4AD, en ik denk niet dat ze graag elkaars artiesten voor de voeten liepen.

Vele jaren later kwam ik in contact met Michael Clarke van Inflammable Material Records en hij was meteen enthousiast over het idee om de eerste Rema-Rema-plaat uit te brengen sinds de postume release van ‘Wheel In The Roses’ in 1980. Nadat ik in 2019 de release van het album ‘Fond Reflections’ met 4AD had geregeld, was ik aangenaam verrast dat ik nog een album met materiaal had dat ik zelf kon uitbrengen, aangezien ‘Fond Reflections’ zo goed was ontvangen. Het is best bizar dat je na veertig jaar het eerste Rema-Rema-album krijgt – in plaats van een ep – en een jaar later het tweede ‘Small Doses’-album. Hulde aan iedereen die hieraan heeft meegewerkt.

Mijn favoriete nummer – dat niet op de originele ‘Wheel In The Roses’ ep stond – is ‘Entry’, deels vanwege dat prachtige moment waarop de synthesizer even alleen in de lucht hangt, voordat de rest van de band weer invalt. Mijns inziens was ‘Entry’ het nummer waar alles samenkwam, een perfect voorbeeld van hoe Rema-Rema de som van zijn componenten is. Maar ‘Entry’ bleek een problematisch nummer om uit te brengen. De band besloot al snel dat verdergaan als Rema-Rema zonder Marco niet hetzelfde was. Toen vertrok Max. Toen werd het Mass, met de toevoeging van Danny Briottet … Los van de individuen, hoeveel Rema-Rema vind je – naar jouw persoonlijke mening – terug in Mass?

‘Entry’ was een van de nieuwe nummers waar we aan werkten voordat Marco vertrok. Het geeft een indicatie van de richting die we opgingen: meer structuur en sfeer, en minder gitaargedreven. Ik ben een grote fan van het instrumentale nummer ‘Exit’ op de B-kant van ‘Entry’ en draai het altijd opnieuw nadat ik kant A heb beluisterd. Iedereen zou ‘Entry’ en ‘Exit’ in zijn platencollectie moeten hebben. De studio-opnames van Rema-Rema waren oorspronkelijk bedoeld voor Charisma Records, maar zij weigerden de nummers uit te brengen vanwege een godslasterlijke zin in de tekst van ‘Entry’. Dat bleek het beste te zijn wat Rema-Rema ooit is overkomen, want Charisma Records bestaat niet meer en 4AD is nog steeds een bloeiend label.

Het is grappig hoe zowel Rema-Rema als Mass invloed hebben gehad op het eerste volledige album van This Mortal Coil: ‘It'll End In Tears’ (CAD 411). Cinder – later de oprichtster van Cindytalk – zong een nieuwe versie van Rema-Remas ‘Fond Affections’ in, en de titel van de plaat was een droge opmerking van Mick Allen over het speelse gevecht tussen jou en Danny Briottet tijdens een fotosessie bij Ivo.

Ik hoorde pas onlangs van Micks opmerking ‘Het zal in tranen eindigen’ over Danny en mij die zogenaamd aan het stoeien waren, en ik kan me er absoluut niets van herinneren. Er zit een diepe waarheid in die opmerking van Mick, waar ik jullie nu niet mee zal vervelen. Maar ik herinner me wel dat ik in Ivos auto zat, achterin met Mick, toen Ivo ons zijn volgende release op het 4AD-label liet horen. Het was de eerste single van The Birthday Party, en nadat Ivo de cassette had afgespeeld, schudden Mick en ik tegelijkertijd ons hoofd en zeiden: “Je wilt die rotzooi toch niet uitbrengen, Ivo!”

Mass bracht vervolgens een single uit – ‘You and I / Cabbage’ (AD 14) – en een album – ‘Labour Of Love’ (CAD 107) – bij 4AD. Daarna viel Mass ook uiteen. Wat is jouw persoonlijke herinnering daaraan?

Nou, er was dat verhaal dat Mick aan iedereen vertelde dat Gary Asquith naar Berlijn was gegaan en nooit meer terug zou komen. Ik moest herstellen van het Mass-project en ik wist niet zeker of ik een volgende aflevering zou overleven. Ik ben een teer bloempje en ik had iets anders en minder intens nodig. Mass was een gemoedstoestand die ik te allesoverheersend vond en die mijn gedachten op een overweldigende manier in beslag nam.

Na Mass bevond je je in Berlijn, in het gezelschap van Malaria!, om een 12-inch strip te maken met Mutabor! Kun je hier wat meer over vertellen, en ook over de Berlijnse scene in 1981-82 in vergelijking met Londen/Engeland?

Ik had Bettina Koster van Malaria! backstage ontmoet toen ze in 1981 in Londen het voorprogramma van The Birthday Party verzorgden, en we konden het meteen goed met elkaar vinden. De dingen veranderden snel en ik was een vrijdenkend persoon die altijd op zoek was naar nieuwe avonturen, ongeacht waar die vandaan kwamen. Toen Bettina naar Berlijn vertrok, vroeg ze me om met haar mee te gaan, en zo is het ook gegaan.

We gaven soms geïmproviseerde liveoptredens met verschillende mensen op verschillende locaties, waarbij andere leden van Malaria! en andere muzikanten die die avond actief waren, betrokken waren. Het was alsof we na optredens het podium bestormden, en het was een steeds veranderende mix van voornamelijk noise. Ik weet zeker dat Nick Cave zich ook wel eens bij ons heeft aangesloten.

Ik heb Berlijn altijd mooier gevonden toen de muur er nog stond en de geografische kenmerken bepaalde. Berlijn leek in mijn herinnering altijd gehuld in een mist, en soms hoorde je misthoorns door de lucht waaien. Ik zag het voor me als een industriële, Duitse Dickens-achtige sfeer, met Siberische winden die je naar de dichtstbijzijnde Kneipe blazen voor een schnaps en een welverdiende verademing van de extreme kou. Een plaat maken met de meiden van Malaria! leek een logische stap en we hadden een paar slaapliedjes geschreven die perfect pasten.

“There Is A Place That No One Knows. A Special Place Where We Can Go”

De rest is geschiedenis. Mick Allen en Mark Cox zouden de vaste waarde van 4AD worden met The Wolfgang Press, Max zou voor een korte periode terugkeren naar haar drumstel bij Psychic TV (naast haar eigen bands), Marco was een Ant voordat hij ging werken met bijvoorbeeld Sinéad O’Connor, en jij en Daniel Briottet zouden Renegade Soundwave en Renegade Soundmachine oprichten. Wat is het belangrijkste verschil tussen Renegade Soundwave en Renegade Soundmachine?

Dat is een geweldige vraag: De Renegade-projecten draaien om attitude, en de verschillende line-ups geven ze verschillende mogelijkheden. Iedereen die bij een van deze projecten betrokken is, brengt zijn of haar eigen unieke attitude en invloeden mee.

Oh, vergeet niet dat ik ook een project doe genaamd Renegade Connection met Lee Curtis, een dub-exploratie.

“My Dope Fuelled Beats Add A Lot Of Explosions”

De recentere releases van archiefopnames van Rema-Rema zijn, zoals Max al zei, grotendeels het resultaat van jouw archeologische vastberadenheid om de geschiedenis en het erfgoed van Rema-Rema te bewaren. Ik heb begrepen dat het deels begon toen Mark Cox thuis een aantal repetitie- en live-opnames opgroef?

Ik ben jullie nieuwe Mr. Retro. Mark Cox is de ekster van Rema-Rema en een geweldige bron van informatie over alles wat met Rema-Rema te maken heeft. Ik vroeg al jaren om de demo’s die we hadden gemaakt voordat Mark eindelijk toegaf, en ik ben dankbaar dat hij zo beschermend was over deze historische documenten, want ik heb serieuze problemen gehad om een paar tapes terug te krijgen die ik in de veilige handen van Mute Records had achtergelaten, maar die ze niet willen teruggeven aan de maker en eigenaar, oftewel mij. Kun je geloven dat een platenmaatschappij waar ik bijna tien jaar mee heb samengewerkt zich als barbaren gedraagt tegenover een van hun voormalige artiesten? Het is triest, maar waar.

Naast de heruitgave van de uitgebreide ‘Wheel In The Roses’ ep als het dubbelalbum ‘Fond Reflections’ op 4AD in 2019, is het grootste deel van het retrospectieve materiaal uitgebracht op de labels Inflammable Material en Le Coq Musique, je eigen label voor je eigen projecten als Renegade Soundwave, Tranquil Trucking Company en Lavender Pill Mob. Kun je me meer vertellen over deze labels?

Ik beschouw mijn label Le Coq Musique en Michael Clarke’s label Inflammable Material als de nieuwe toonaangevende labels die een platform bieden aan projecten die anders misschien over het hoofd gezien zouden worden. Beide labels worden gerund door mensen met een oprechte liefde voor muziek die offers hebben gebracht en nieuwe manieren hebben ontwikkeld om te werken in de steeds veranderende muziekindustrie.

“Don't park your car in the CEO's parking bay”

De soundtrack die je hebt samengesteld op basis van Marco Porsias documentaire ‘What You Could Not Visualise’ combineert materiaal van Rema-Rema, andere artiesten en geluidsfragmenten uit de documentaire. De soundtrack bevat ook een herwerkte versie van Rema-Rema door de artiest Mekon, artiestennaam van John Gosling, tevens ex-lid van Zoskia en Coil. Het nummer en ander werk van jou zijn te vinden op Mekons samenwerkingscompilatie ‘Hua Hua Plays For You Vol.I’ (Hua Hua Records, 2024). Kun je iets meer vertellen over jouw betrokkenheid?

John Gosling ken ik al tientallen jaren en hij leek me de perfecte keuze voor een Rema-Rema remix. John draaide ook muziek op de afterparty van de documentaire toen die in première ging in de Curzon Cinema in Londen. Toen hij ‘Hua Hua Plays For You Vol.1’ samenstelde, vroeg hij of hij zijn Rema-Rema remix mocht toevoegen, en ik heb toen een nummer van Renegade Soundwave afgemaakt genaamd ‘ADIDAS (All Day I Dream About Sex)’, om het op te nemen. Ik vind dat album erg goed en het is vreemd dat Marco Pirroni op een nummer te horen is met Bobby Gillespie van Primal Scream.

Een andere naam op dat Hua Hua-album, in zijn rol als producer, is Fritz Caitlin van 23 Skidoo, een band waar ik erg van hou. Met een beetje fantasie zie ik wel wat overeenkomsten tussen de carrière van 23 Skidoo en die van jou: mensen niet kopiëren, maar je eigen pad volgen, het plan verscheuren wanneer nodig en eigenwijs iets anders te doen, dub en sampling in je opnemend, beide elementen die door andere artiesten als invloedrijk worden beschouwd in hun benadering van muziek. Hoe zie jij dat zelf?

Ja, Fritz Caitlin werkt met John Gosling aan de meeste van zijn huidige projecten. Ik weet eerlijk gezegd niet zoveel van 23 Skidoo, maar ik weet wel dat Karl Bonnie van Renegade Soundwave – die met mij aan ‘ADIDAS’ heeft gewerkt – erg positief over ze is en een paar van hun platen heeft.

Terug naar de documentaire. ‘What You Could Not Visualise’ werd, en wordt nog steeds, wereldwijd vertoond op geselecteerde locaties. Tijdens een van die evenementen stonden jij en Mick Allen samen met de Italiaanse avant-gardeband Larsen op het podium om een aantal Rema-Rema-nummers te spelen. Hoe is dat tot stand gekomen? En is dit het dichtst dat we ooit bij een Rema-Rema-reünie zullen komen? Ik vermoed dat Marco Pirroni daar niet zo enthousiast over zal zijn. En wat betreft de soundtrack zelf: kun je me vertellen hoe je de selectie hebt gemaakt?

Marco Porsia, de maker van de Rema-Rema-documentaire, kende de leden van Larsen en raadde aan om samen te werken voor een speciaal liveoptreden en -vertoning van Rema-Rema in Turijn. Het bleek een groot succes en Marco Porsia won dat jaar de prijs voor beste muziekdocumentaire op het Seeyousound Festival in Turijn. Er werden diverse fantastische documentaires vertoond en het winnen van de prijs voor beste documentaire was een grote prestatie.

De eerste oplage van de documentaire op Blu-ray was snel uitverkocht, laten we hopen dat er meer komt, uiteindelijk ook op PAL-dvd (meneer Porsia? 😉 ). Wat is in de tussentijd, volgens u, een goede reden voor mensen die de documentaire nog niet hebben gezien om de soundtrack te kopen?

Ik denk dat het grootste voordeel van het kopen van de vinyl soundtrack is dat je de nummers van begin tot eind volledig kunt horen, terwijl je bij de documentaire slechts fragmenten te horen krijgt. Ik ben erg blij met de keuze voor de voice-over. Het verhaal van Rema-Rema loopt parallel met de oprichting van het 4AD-label, wat een historische muzikale betekenis heeft, vooral als je fan bent van 4AD. Het is jammer dat alle Blu-rays zo snel uitverkocht waren en ik hoop dat Marco snel een nieuwe oplage samenstelt, want verschillende mensen hebben me gevraagd waar ze een exemplaar kunnen kopen.

Nog een laatste woord? De microfoon is voor jou … (En heel hartelijk dank voor de tijd die u heeft genomen om alles te beantwoorden.)

Ik wilde je ook bedanken voor de kwaliteit van je vragen en voor het onderzoek dat je ongetwijfeld hebt gedaan om zo’n waardevol inzicht in mijn vele projecten te kunnen bieden. Klik op deze link als je een exemplaar van de briljante soundtrack van Inflammable Material Records wilt kopen, en hier is ook een link naar een aantal artikelen op mijn Le Coq Musique-website.

Een woordje over de documentaire ‘What You Could Not Visualise’

In 2022 bracht filmmaker Marco Porsia – die in 2019 ook de documentaire ‘Where Does a Body End?’ over de band Swans maakte – een documentaire uit over Rema-Rema, getiteld ‘What You Could Not Visualise’. De titel is ontleend aan het nummer Rema-Rema. Hij geeft de microfoon aan alle ex-bandleden – met uitzondering van gitarist Marco Pironi, die een interview weigerde – namelijk Gary Asquith (zang + gitaar), Michael Allen (zang + bas), Dorothy Max Prior (drums) en Mark Cox (keyboards).

Alle ex-leden kijken met veel plezier terug op hun tijd bij Rema-Rema, iets wat in de muziekindustrie niet vanzelfsprekend is. Andere noemenswaardige bijdragen komen van voormalig 4AD-labelbaas Ivo Watts-Russell, muzikant en producer Steve Albini (die een cover van het nummer Rema-Rema maakte met zijn band Big Black), en anderen. Cinder, de zangeres van Cindytalk, blikt terug op het zingen van ‘Fond Affections’ voor het This Mortal Coil -album ‘It'll End In Tears’ en zowel Stephen Mallinder (Cabaret Voltaire) als Jim Thirwell (Foetus etc.) geven hun mening over de impact van Rema-Rema op de postpunkscene. Gudrun Gut en Bettina Köster vertellen over de eerste keer dat ze Rema-Remas ep ‘Wheel In The Roses’ hoorden en over hun samenwerking met Gary Asquith in Berlijn voor hun Mutabor! 12-inch single ‘Two Wishes’. Verwar ze niet met de veel jongere Berlijnse punk/ska/folkband Mutabor! Oh … en dan is er nog deze kerel, James Elliott, een parfumeur van het bedrijf Filigree & Shadow heeft de geur ‘Rema’ gecreëerd, waarbij de klank van Rema-Rema is omgezet in een geur. Hoe gaaf is dat?

Het verhaal van Rema-Rema was er een van ‘even knipperen en je hebt het gemist’. Dat hun enige ep ‘Wheel In the Roses’ zo invloedrijk bleek te zijn, komt doordat ze een bepaald moment in de muziekgeschiedenis vastlegden, waarna iedereen verder ging, ook de voormalige bandleden. Pas achteraf beseffen mensen hoe belangrijk dat ene moment was.

‘What You Could Not Visualise’ werd – en wordt misschien nog steeds – vertoond in kleine bioscopen, bijvoorbeeld in Gent in België, en op filmfestivals over de hele wereld. Regisseur Marco Porsia heeft ook een eerste oplage op Blu-ray uitgebracht, die snel uitverkocht was … dus veel succes met het vinden van deze film. Als je even met je ogen knippert, heb je hem gemist. Je kunt alleen maar hopen dat meneer Porsia besluit om een tweede oplage te laten maken. Je kunt het Vimeo-kanaal van Marco Porsia HIER vinden.

Boeken uitgegeven door Dorothy Max Prior

Dorothy Max Prior, de eigen Moe Tucker van Rema-Rema, heeft twee boeken gepubliceerd waarin ze terugblikt op haar leven in de late jaren 70 en de jaren 80.

In haar eerste boek – ‘69 Exhibition Road’ – schrijft ze over haar leven op datzelfde adres in Londen, terwijl ze zich halsoverkop in de ontluikende punkscene stortte en verder ging, wat uiteindelijk leidde tot haar drumcarrière in verschillende bands, waaronder Rema-Rema, naast haar werk bij het ICA (Institute for Contemporary Arts) en andere banen. Verwacht ooggetuigenverslagen van mensen als Jordan, Stuart (later Adam Ant), Sid Vicious, Marco Pironi (eerste Banshee, gitarist van Rema-Rema en later haar vriend, en toekomstige Ant), Genesis P-Orridge, Alex Fergusson, Monte Cazazza, en nog veel meer.

Wat echt interessant is: aan het einde van het boek heeft Max een korte ‘wie is wie’-lijst opgenomen van de mensen die in het boek worden genoemd, en ze heeft ook een sectie waarin ze per hoofdstuk verschillende films, muziekalbums en boeken, naast andere invloeden, met elkaar verbindt. Maak aantekeningen en ga naar de bibliotheek en/of platenzaak!

‘Sex Is No Emergency’, het tweede boek, ontleent zijn titel aan een citaat en single van Monte Cazazza. We lezen over Max’ leven als danslerares en uiteindelijk drummer voor onder andere Psychic TV. Psychic TV stond op het punt te transformeren van een grimmige avant-gardeband naar een hyperdelische band. Het studiowerk met Max kwam niet van de grond tijdens haar periode bij Psychic TV, afgezien van de single ‘Godstar’, maar verscheen later als het album ‘Allegory and Self’. Max spreekt over Genesis P-Orridge, Rose en Drew McDowall, Hilmar Örn Hilmarsson, Björk, Derek Jarman; en natuurlijk James ‘Foz’ Foster, destijds gitarist van The Monochrome Set, vader van haar kinderen en toekomstige echtgenoot. ‘Sex Is No Emergency’ bevat ook een hoofdstuksgewijze lijst met discografie, filmografie en bibliografie.

Zowel ‘69 Exhibition Road’ als ‘Sex Is No Emergency’ lezen als een trein en zijn geschikte metgezellen voor wie oprecht geïnteresseerd is in punk, postpunk en andere vormen van tegencultuur, of het nu om muziek of andere kunstvormen gaat. Bij Jove, ze behoren nu al tot mijn favorieten, samen met ‘Art Sex Music’ en ‘Re-Sisters’ van Cosey.

Beide boeken zijn uitgegeven door Strange Attractor en je kunt ze HIER bestellen.

Facing the Other Way – The Story of 4AD

Dit boek van Martin Aston bleek een waardevolle bron te zijn bij de voorbereiding van dit interview en artikel. Aston duikt diep in de archieven (posters, promotiefoto's, albumhoezen) en heeft talloze interviews met bandleden en medewerkers van het legendarische label dat werd opgericht door Ivo Watts-Russell en Peter Kent.

Rema-Rema, Bauhaus, The Birthday Barty, Mass, Cocteau Twins, Dead Can Dance, The Wolfgang Press, This Mortal Coil, Xmal Deutschland, His Name Is Alive … Ik bedoel …

Het boek werd in 2013 uitgegeven door The Friday Project, een imprint van HarperCollins, en is niet meer in de boekhandel verkrijgbaar, maar online nog wel.

Ik heb altijd geloofd dat God me op deze aarde heeft gezet om dingen te zeggen die anderen vaak niet durven zeggen of waar ze nog niet aan hebben gedacht. Trek je eigen conclusies. Hoe groter je schep, hoe meer je zult ontdekken met mijn repertoire.

“We’ve All Got Something To Sell, We’ve All Got A Story To Tell”

Zoals de documentaire ons leert, is Rema-Rema ontstaan uit de as van de punkband The Models, met ex-leden Mick Allen en Marco Pironi – bekend van de eerste bezetting van Siouxsie and the Banshees en hun concert op het 100 Club Punk Festival in 1976 – aangevuld met Mark Cox, jou en drummer Dorothy ‘Max’ Prior, die we voorlopig Max zullen noemen. Jullie hadden allemaal een punkachtergrond, maar waren vastbesloten om muziek te maken die nog nooit eerder gemaakt was. Punk was ‘dood’ sinds Sid Vicious zich bij de Sex Pistols had aangesloten, zo hadden Max en Marco afgesproken. Nou, jullie gaven de punk-ethos wel een serieuze draai, nietwaar?

We hadden allemaal het geluk jong te zijn en in 1976-77 behoefte te hebben aan jeugdige inspiratie. Na de flamboyante glamrockbeweging die begin jaren 70 was ontstaan, was punkrock meer een kwestie van casual dan chic. Er waren zoveel bands die je elke avond moest zien en beluisteren dat de tijd leek stil te staan en langzaam verdampte als een vloeistof die in gas verandert.

“Slow down you’re moving too fast”

Een van mijn favoriete uitspraken is ‘post-punk don’t care’. Het gaat er niet om waar je je inspiratie vandaan haalt en hoe je die in je werk verwerkt, het gaat er niet om of je kleding wel of niet bij de punkscene past. Een vriendin die meeschreef aan het boek over de Antwerpse en Belgische punkscene vertelde me dat er in het begin sowieso geen ‘punkuniform’ bestond. “We zagen er gewoon anders uit. Het veranderde toen mensen mohawks begonnen te dragen en zich op een bepaalde manier uniform gingen kleden. Toen wisten we dat de vaart van de originele punk voorbij was.” Ik ben het met haar eens dat de muziek die na de punk kwam interessanter was.

Oh, wacht eens even... Je hebt bij mij net een herinnering uit de vroege jaren 80 opgeroepen, toen ik samen met Peter Kent, de toenmalige maestro en oprichter van 4AD, op bezoek was bij Marc Desmare van de band La Muerte in Brussel. Ik herinner me dat ik een kamer in Marcs huis binnenliep waar een poster van de hoes van Adam and the Ants’ ‘Kings Of The Wild Frontier’ aan de muur hing. Ik weet nog dat ik probeerde te bedenken of ik het nou mooi vond of niet? Ik stond even als een konijn in de koplampen.

Eerder had ik vastgezeten in een file in Battersea, in Zuidwest-Londen – ik kom uit West-Londen – met de radio aan. Adam werd geïnterviewd over zijn nieuwe bandbezetting en ik herinner me dat hij het over Marco Pirroni had alsof die de nieuwe gitaarmessias was die hij had gered van het onwaardige, melancholieke Rema-Rema. Het was alsof we Marco hadden gedwongen tot een leven van losbandigheid en nietswaardigheid, een leven dat alleen een ridder op een zilveren paard kon herprogrammeren tot de superster die hij verdiende te zijn. Adam was de alchemist en ik was een van de trieste, eenzame misbruikers.

Zonder dat iemand die die dag naar de BBC-radio luisterde het wist, was ik gestopt met geloven in feeën toen de tandenfee mijn tand onder mijn kussen niet in een shilling veranderde toen ik een baby in een korte broek was. Ik hield van de originele Adam and the Ants-bezetting en gaf de voorkeur aan hun vroegere muziek boven wat later die betekenisloze popextravaganza werd. Ik heb de nieuwe incarnatie nooit afgekeurd, ik gaf gewoon de voorkeur aan de originele nummers, ‘Give That Dog A Bone’. Ik had een kraam moeten beginnen met gebroken koekjes!

Achteraf bezien ben ik het ermee eens dat degenen met een ontluikende geest die in het punkrockkamp begonnen, vaak de grootste presteerders en ware vernieuwers van de volgende generatie waren. “Stop niet al je centen in dezelfde spaarpot.” Ik had net mijn leerperiode bij Rema-Rema afgerond en ben nu een professionelere en meer volwassen alcoholist/drugsverslaafde en verhalenverteller met grotere ambities. BOEM.

Oorspronkelijk bestond er geen specifieke stijl binnen de punkrock en hing de stijl die je droeg af van je eigen verbeelding. Sommige mensen hadden geen verbeelding en dus ook weinig stijl. Malcolm McLaren en Vivian Westwood ontwierpen kleren voor een kleine minderheid van de doorsnee punkrockers. Dat waren ongetwijfeld prachtige creaties, maar voldeden ze niet aan de behoeften van de punkrockers uit de middenklasse met een dikkere portemonnee, in plaats van aan die jongeren uit de arbeidersklasse die de beweging op gang brachten? Oordeel zelf!

Om Ivo Watts-Russell te citeren: “Vijf bijzondere individuen en de muziek die ze maakten, brachten deze oude man tot tranen.” Wanneer had je het gevoel dat het feit dat jullie met vijf personen waren, de eenheid juist in de weg stond? Of vind je dat ieders inbreng juist op een mooie manier in de muziek terechtkwam?

Uit mijn eigen ervaring met verschillende muziekprojecten weet ik dat het lastig is om de persoonlijkheid van de betrokkenen en hun individualiteit binnen de groep te behouden, onafhankelijk van hun eigenbelang. Ego’s zijn onuitstaanbare bijkomstigheden die vrijelijk door creatieve geesten stromen en vaak tot iemands ondergang leiden. Geloof draait om de gemeenschap, niet om de individuen die het geloof verkondigen.

Om Peter Kent en Ivo Watts-Russell te citeren: “Rema-Rema heeft een eigen stijl gecreëerd.” Hoe vond je dat toen en hoe denk je daar nu over? (Jullie werkten ook samen met Malaria!, maar daar komen we nog wel toe.)

Ik heb altijd het gevoel gehad dat de leden van Rema-Rema een onstuitbare vindingrijkheid bezaten, en dat vind ik nog steeds. We hadden een sterke werkethiek en boekten in korte tijd veel vooruitgang. Malaria! leek me, voor zover ik begreep, een vergelijkbare instelling te hebben, mede dankzij de tijd die ik met hen heb doorgebracht toen ik in 1981 in Berlijn woonde. Ik vond het idee van een meidenband zonder al die ongewenste mannelijke testosteron altijd aantrekkelijk. Het opnemen van de Mutabor!-nummers met de meiden van Malaria! in Berlijn was een welkome afwisseling op de waanzin van het opnemen van het album ‘Labour Of Love’ door Mass op 4AD.

Rema-Rema speelde zijn eerste optreden op 1 januari in het pakhuis Mayhem van Toyah Wilcox. Ook voor andere optredens koos Rema-Rema vaak voor ongebruikelijke locaties. Zo werd Rema-Rema een keer ondersteund door beelden uit de film ‘Things To Come’ van H.G. Wells. Herinnert u zich deze gebeurtenissen en de keuze voor deze werkwijze voor optredens nog?

We probeerden altijd interessante plekken in en rond Londen te vinden om live op te treden, en multimedia-evenementen met films leken een voor de hand liggende keuze. Ontsnappen aan de pest en anarchie voor een scène in de ruimte met de film ‘Things To Come’ van H.G. Wells uit 1936 was een perfecte keuze, en later speelden we met de film ‘The Man With The Golden Arm’, maar dat was misschien met de groep Mass?

Ik herinner me de optredens van Toyah Mayhem en Nagasaki Ballroom nog goed. Het was een koude avond en ik zat te kletsen met Banshee Steve Severin en Steve Strange, wat me behoorlijk op de zenuwen werkte. Het was ook de eerste keer dat ik sprak met Kevin Mooney, de toekomstige bassist van Adam and the Ants, die in het voorprogramma speelde, genaamd European Cowards. Tijdens het ‘Screen On The Green’-concert, na de vertoning van ‘Things To Come’, weet ik nog dat Jah Wobble en Keith Levine vlak voor het podium zaten en al vroeg in ons optreden weggingen. Ik vroeg me af of we te veel lawaai maakten of wat er in hun hoofd omging. Verder schiet me niet veel te binnen. Het is een vreemd toeval dat Kevin een paar jaar later in dezelfde band zou spelen als Marco Pirroni, bij Adam and the Ants.

Rema-Rema bestond van 1978 tot die noodlottige 14 november 1979, toen Marco Pirroni aankondigde dat hij zich bij Adam and the Ants zou voegen. Wat herinner je je van die gebeurtenis? Marco was ook het enige ex-lid van Rema-Rema dat weigerde mee te werken aan de documentaire ‘What You Could Not Visualise’. Weet iemand wat hij van het eindresultaat van de documentaire vond?

Oh, ik wist niet dat het 14 november was toen Marco belde om voorgoed afscheid te nemen. Het had beter gepast op Guy Fawkes Night, 5 november. Ik hou van verrassingen en de geur van buskruit. Ik heb geen idee wat Marco van de documentaire vindt en ik denk dat het waarschijnlijk maar goed is dat hij er niet bij betrokken was als hij zich gemarginaliseerd voelt of wrok koestert. Hij zal altijd een speciaal plekje in mijn herinneringen hebben, omdat ik in 1978/79 meer tijd met Marco heb doorgebracht dan met wie dan ook op aarde en we altijd samen hebben gelachen. Ik heb een mooie herinnering aan het schrijven van het nummer ‘Short Stories’, alleen met Marco in zijn slaapkamer, nadat ik de tekst de avond ervoor had geschreven.

“Those People Over By The Mounds Are Looking Like Casts Of Plaster”

Omdat er gesprekken waren met Peter Kent en Ivo Watts-Russell om materiaal van Rema-Rema uit te brengen nadat ze de naam van hun label hadden veranderd van AXIS naar 4AD, en Marco – na een productief optreden met Human League en Siouxsie in Banshees – de stekker eruit had getrokken, was de ep ‘Wheel In The Roses’ (4AD nummer BAD 5) een postume uitgave. Het materiaal dat niet op de ep stond – maar later wel op verschillende releases verscheen op Le Coq Musique, Inflammable Material en opnieuw 4AD – klinkt echter veelbelovend.

Optreden in het Rainbow Theatre met The Banshees en Human League was een doorbraakmoment voor Rema-Rema. We hadden een groter podium en een groter publiek, en we speelden echt goed. We wisten mensen te overtuigen die nog nooit van ons hadden gehoord. Het meest bijzondere vond ik David Bowie die aan de zijkant van het podium stond toen we opkwamen. We breidden ons publiek uit!

Ik herinner me dat ik een cassette-opname van International Scale vond toen ik aan het opnemen was met Renegade Soundwave en dacht: “Wow, dit klinkt nog steeds echt goed.” Ik besloot met de secretaresse van Daniel Miller te praten om een afspraak te maken om te kijken of Mute geïnteresseerd zou zijn om het uit te brengen. Daniel leek het nummer wel te waarderen, maar wimpelde me beleefd af. Je weet wel, zoals die kerel die wat roos op zijn schouder heeft en het er even afveegt voordat hij de badkamer verlaat om naar het feestje te gaan. Achteraf dacht ik dat het waarschijnlijk diplomatisch was, omdat Rema-Rema nog altijd verbonden was aan 4AD, en ik denk niet dat ze graag elkaars artiesten voor de voeten liepen.

Vele jaren later kwam ik in contact met Michael Clarke van Inflammable Material Records en hij was meteen enthousiast over het idee om de eerste Rema-Rema-plaat uit te brengen sinds de postume release van ‘Wheel In The Roses’ in 1980. Nadat ik in 2019 de release van het album ‘Fond Reflections’ met 4AD had geregeld, was ik aangenaam verrast dat ik nog een album met materiaal had dat ik zelf kon uitbrengen, aangezien ‘Fond Reflections’ zo goed was ontvangen. Het is best bizar dat je na veertig jaar het eerste Rema-Rema-album krijgt – in plaats van een ep – en een jaar later het tweede ‘Small Doses’-album. Hulde aan iedereen die hieraan heeft meegewerkt.

Mijn favoriete nummer – dat niet op de originele ‘Wheel In The Roses’ ep stond – is ‘Entry’, deels vanwege dat prachtige moment waarop de synthesizer even alleen in de lucht hangt, voordat de rest van de band weer invalt. Mijns inziens was ‘Entry’ het nummer waar alles samenkwam, een perfect voorbeeld van hoe Rema-Rema de som van zijn componenten is. Maar ‘Entry’ bleek een problematisch nummer om uit te brengen. De band besloot al snel dat verdergaan als Rema-Rema zonder Marco niet hetzelfde was. Toen vertrok Max. Toen werd het Mass, met de toevoeging van Danny Briottet … Los van de individuen, hoeveel Rema-Rema vind je – naar jouw persoonlijke mening – terug in Mass?

‘Entry’ was een van de nieuwe nummers waar we aan werkten voordat Marco vertrok. Het geeft een indicatie van de richting die we opgingen: meer structuur en sfeer, en minder gitaargedreven. Ik ben een grote fan van het instrumentale nummer ‘Exit’ op de B-kant van ‘Entry’ en draai het altijd opnieuw nadat ik kant A heb beluisterd. Iedereen zou ‘Entry’ en ‘Exit’ in zijn platencollectie moeten hebben. De studio-opnames van Rema-Rema waren oorspronkelijk bedoeld voor Charisma Records, maar zij weigerden de nummers uit te brengen vanwege een godslasterlijke zin in de tekst van ‘Entry’. Dat bleek het beste te zijn wat Rema-Rema ooit is overkomen, want Charisma Records bestaat niet meer en 4AD is nog steeds een bloeiend label.

Het is grappig hoe zowel Rema-Rema als Mass invloed hebben gehad op het eerste volledige album van This Mortal Coil: ‘It'll End In Tears’ (CAD 411). Cinder – later de oprichtster van Cindytalk – zong een nieuwe versie van Rema-Remas ‘Fond Affections’ in, en de titel van de plaat was een droge opmerking van Mick Allen over het speelse gevecht tussen jou en Danny Briottet tijdens een fotosessie bij Ivo.

Ik hoorde pas onlangs van Micks opmerking ‘Het zal in tranen eindigen’ over Danny en mij die zogenaamd aan het stoeien waren, en ik kan me er absoluut niets van herinneren. Er zit een diepe waarheid in die opmerking van Mick, waar ik jullie nu niet mee zal vervelen. Maar ik herinner me wel dat ik in Ivos auto zat, achterin met Mick, toen Ivo ons zijn volgende release op het 4AD-label liet horen. Het was de eerste single van The Birthday Party, en nadat Ivo de cassette had afgespeeld, schudden Mick en ik tegelijkertijd ons hoofd en zeiden: “Je wilt die rotzooi toch niet uitbrengen, Ivo!”

Mass bracht vervolgens een single uit – ‘You and I / Cabbage’ (AD 14) – en een album – ‘Labour Of Love’ (CAD 107) – bij 4AD. Daarna viel Mass ook uiteen. Wat is jouw persoonlijke herinnering daaraan?

Nou, er was dat verhaal dat Mick aan iedereen vertelde dat Gary Asquith naar Berlijn was gegaan en nooit meer terug zou komen. Ik moest herstellen van het Mass-project en ik wist niet zeker of ik een volgende aflevering zou overleven. Ik ben een teer bloempje en ik had iets anders en minder intens nodig. Mass was een gemoedstoestand die ik te allesoverheersend vond en die mijn gedachten op een overweldigende manier in beslag nam.

Na Mass bevond je je in Berlijn, in het gezelschap van Malaria!, om een 12-inch strip te maken met Mutabor! Kun je hier wat meer over vertellen, en ook over de Berlijnse scene in 1981-82 in vergelijking met Londen/Engeland?

Ik had Bettina Koster van Malaria! backstage ontmoet toen ze in 1981 in Londen het voorprogramma van The Birthday Party verzorgden, en we konden het meteen goed met elkaar vinden. De dingen veranderden snel en ik was een vrijdenkend persoon die altijd op zoek was naar nieuwe avonturen, ongeacht waar die vandaan kwamen. Toen Bettina naar Berlijn vertrok, vroeg ze me om met haar mee te gaan, en zo is het ook gegaan.

We gaven soms geïmproviseerde liveoptredens met verschillende mensen op verschillende locaties, waarbij andere leden van Malaria! en andere muzikanten die die avond actief waren, betrokken waren. Het was alsof we na optredens het podium bestormden, en het was een steeds veranderende mix van voornamelijk noise. Ik weet zeker dat Nick Cave zich ook wel eens bij ons heeft aangesloten.

Ik heb Berlijn altijd mooier gevonden toen de muur er nog stond en de geografische kenmerken bepaalde. Berlijn leek in mijn herinnering altijd gehuld in een mist, en soms hoorde je misthoorns door de lucht waaien. Ik zag het voor me als een industriële, Duitse Dickens-achtige sfeer, met Siberische winden die je naar de dichtstbijzijnde Kneipe blazen voor een schnaps en een welverdiende verademing van de extreme kou. Een plaat maken met de meiden van Malaria! leek een logische stap en we hadden een paar slaapliedjes geschreven die perfect pasten.

“There Is A Place That No One Knows. A Special Place Where We Can Go”

De rest is geschiedenis. Mick Allen en Mark Cox zouden de vaste waarde van 4AD worden met The Wolfgang Press, Max zou voor een korte periode terugkeren naar haar drumstel bij Psychic TV (naast haar eigen bands), Marco was een Ant voordat hij ging werken met bijvoorbeeld Sinéad O’Connor, en jij en Daniel Briottet zouden Renegade Soundwave en Renegade Soundmachine oprichten. Wat is het belangrijkste verschil tussen Renegade Soundwave en Renegade Soundmachine?

Dat is een geweldige vraag: De Renegade-projecten draaien om attitude, en de verschillende line-ups geven ze verschillende mogelijkheden. Iedereen die bij een van deze projecten betrokken is, brengt zijn of haar eigen unieke attitude en invloeden mee.

Oh, vergeet niet dat ik ook een project doe genaamd Renegade Connection met Lee Curtis, een dub-exploratie.

“My Dope Fuelled Beats Add A Lot Of Explosions”

De recentere releases van archiefopnames van Rema-Rema zijn, zoals Max al zei, grotendeels het resultaat van jouw archeologische vastberadenheid om de geschiedenis en het erfgoed van Rema-Rema te bewaren. Ik heb begrepen dat het deels begon toen Mark Cox thuis een aantal repetitie- en live-opnames opgroef?

Ik ben jullie nieuwe Mr. Retro. Mark Cox is de ekster van Rema-Rema en een geweldige bron van informatie over alles wat met Rema-Rema te maken heeft. Ik vroeg al jaren om de demo’s die we hadden gemaakt voordat Mark eindelijk toegaf, en ik ben dankbaar dat hij zo beschermend was over deze historische documenten, want ik heb serieuze problemen gehad om een paar tapes terug te krijgen die ik in de veilige handen van Mute Records had achtergelaten, maar die ze niet willen teruggeven aan de maker en eigenaar, oftewel mij. Kun je geloven dat een platenmaatschappij waar ik bijna tien jaar mee heb samengewerkt zich als barbaren gedraagt tegenover een van hun voormalige artiesten? Het is triest, maar waar.

Naast de heruitgave van de uitgebreide ‘Wheel In The Roses’ ep als het dubbelalbum ‘Fond Reflections’ op 4AD in 2019, is het grootste deel van het retrospectieve materiaal uitgebracht op de labels Inflammable Material en Le Coq Musique, je eigen label voor je eigen projecten als Renegade Soundwave, Tranquil Trucking Company en Lavender Pill Mob. Kun je me meer vertellen over deze labels?

Ik beschouw mijn label Le Coq Musique en Michael Clarke’s label Inflammable Material als de nieuwe toonaangevende labels die een platform bieden aan projecten die anders misschien over het hoofd gezien zouden worden. Beide labels worden gerund door mensen met een oprechte liefde voor muziek die offers hebben gebracht en nieuwe manieren hebben ontwikkeld om te werken in de steeds veranderende muziekindustrie.

“Don't park your car in the CEO's parking bay”

De soundtrack die je hebt samengesteld op basis van Marco Porsias documentaire ‘What You Could Not Visualise’ combineert materiaal van Rema-Rema, andere artiesten en geluidsfragmenten uit de documentaire. De soundtrack bevat ook een herwerkte versie van Rema-Rema door de artiest Mekon, artiestennaam van John Gosling, tevens ex-lid van Zoskia en Coil. Het nummer en ander werk van jou zijn te vinden op Mekons samenwerkingscompilatie ‘Hua Hua Plays For You Vol.I’ (Hua Hua Records, 2024). Kun je iets meer vertellen over jouw betrokkenheid?

John Gosling ken ik al tientallen jaren en hij leek me de perfecte keuze voor een Rema-Rema remix. John draaide ook muziek op de afterparty van de documentaire toen die in première ging in de Curzon Cinema in Londen. Toen hij ‘Hua Hua Plays For You Vol.1’ samenstelde, vroeg hij of hij zijn Rema-Rema remix mocht toevoegen, en ik heb toen een nummer van Renegade Soundwave afgemaakt genaamd ‘ADIDAS (All Day I Dream About Sex)’, om het op te nemen. Ik vind dat album erg goed en het is vreemd dat Marco Pirroni op een nummer te horen is met Bobby Gillespie van Primal Scream.

Een andere naam op dat Hua Hua-album, in zijn rol als producer, is Fritz Caitlin van 23 Skidoo, een band waar ik erg van hou. Met een beetje fantasie zie ik wel wat overeenkomsten tussen de carrière van 23 Skidoo en die van jou: mensen niet kopiëren, maar je eigen pad volgen, het plan verscheuren wanneer nodig en eigenwijs iets anders te doen, dub en sampling in je opnemend, beide elementen die door andere artiesten als invloedrijk worden beschouwd in hun benadering van muziek. Hoe zie jij dat zelf?

Ja, Fritz Caitlin werkt met John Gosling aan de meeste van zijn huidige projecten. Ik weet eerlijk gezegd niet zoveel van 23 Skidoo, maar ik weet wel dat Karl Bonnie van Renegade Soundwave – die met mij aan ‘ADIDAS’ heeft gewerkt – erg positief over ze is en een paar van hun platen heeft.

Terug naar de documentaire. ‘What You Could Not Visualise’ werd, en wordt nog steeds, wereldwijd vertoond op geselecteerde locaties. Tijdens een van die evenementen stonden jij en Mick Allen samen met de Italiaanse avant-gardeband Larsen op het podium om een aantal Rema-Rema-nummers te spelen. Hoe is dat tot stand gekomen? En is dit het dichtst dat we ooit bij een Rema-Rema-reünie zullen komen? Ik vermoed dat Marco Pirroni daar niet zo enthousiast over zal zijn. En wat betreft de soundtrack zelf: kun je me vertellen hoe je de selectie hebt gemaakt?

Marco Porsia, de maker van de Rema-Rema-documentaire, kende de leden van Larsen en raadde aan om samen te werken voor een speciaal liveoptreden en -vertoning van Rema-Rema in Turijn. Het bleek een groot succes en Marco Porsia won dat jaar de prijs voor beste muziekdocumentaire op het Seeyousound Festival in Turijn. Er werden diverse fantastische documentaires vertoond en het winnen van de prijs voor beste documentaire was een grote prestatie.

De eerste oplage van de documentaire op Blu-ray was snel uitverkocht, laten we hopen dat er meer komt, uiteindelijk ook op PAL-dvd (meneer Porsia? 😉 ). Wat is in de tussentijd, volgens u, een goede reden voor mensen die de documentaire nog niet hebben gezien om de soundtrack te kopen?

Ik denk dat het grootste voordeel van het kopen van de vinyl soundtrack is dat je de nummers van begin tot eind volledig kunt horen, terwijl je bij de documentaire slechts fragmenten te horen krijgt. Ik ben erg blij met de keuze voor de voice-over. Het verhaal van Rema-Rema loopt parallel met de oprichting van het 4AD-label, wat een historische muzikale betekenis heeft, vooral als je fan bent van 4AD. Het is jammer dat alle Blu-rays zo snel uitverkocht waren en ik hoop dat Marco snel een nieuwe oplage samenstelt, want verschillende mensen hebben me gevraagd waar ze een exemplaar kunnen kopen.

Nog een laatste woord? De microfoon is voor jou … (En heel hartelijk dank voor de tijd die u heeft genomen om alles te beantwoorden.)

Ik wilde je ook bedanken voor de kwaliteit van je vragen en voor het onderzoek dat je ongetwijfeld hebt gedaan om zo’n waardevol inzicht in mijn vele projecten te kunnen bieden. Klik op deze link als je een exemplaar van de briljante soundtrack van Inflammable Material Records wilt kopen, en hier is ook een link naar een aantal artikelen op mijn Le Coq Musique-website.

Een woordje over de documentaire ‘What You Could Not Visualise’

In 2022 bracht filmmaker Marco Porsia – die in 2019 ook de documentaire ‘Where Does a Body End?’ over de band Swans maakte – een documentaire uit over Rema-Rema, getiteld ‘What You Could Not Visualise’. De titel is ontleend aan het nummer Rema-Rema. Hij geeft de microfoon aan alle ex-bandleden – met uitzondering van gitarist Marco Pironi, die een interview weigerde – namelijk Gary Asquith (zang + gitaar), Michael Allen (zang + bas), Dorothy Max Prior (drums) en Mark Cox (keyboards).

Alle ex-leden kijken met veel plezier terug op hun tijd bij Rema-Rema, iets wat in de muziekindustrie niet vanzelfsprekend is. Andere noemenswaardige bijdragen komen van voormalig 4AD-labelbaas Ivo Watts-Russell, muzikant en producer Steve Albini (die een cover van het nummer Rema-Rema maakte met zijn band Big Black), en anderen. Cinder, de zangeres van Cindytalk, blikt terug op het zingen van ‘Fond Affections’ voor het This Mortal Coil -album ‘It'll End In Tears’ en zowel Stephen Mallinder (Cabaret Voltaire) als Jim Thirwell (Foetus etc.) geven hun mening over de impact van Rema-Rema op de postpunkscene. Gudrun Gut en Bettina Köster vertellen over de eerste keer dat ze Rema-Remas ep ‘Wheel In The Roses’ hoorden en over hun samenwerking met Gary Asquith in Berlijn voor hun Mutabor! 12-inch single ‘Two Wishes’. Verwar ze niet met de veel jongere Berlijnse punk/ska/folkband Mutabor! Oh … en dan is er nog deze kerel, James Elliott, een parfumeur van het bedrijf Filigree & Shadow heeft de geur ‘Rema’ gecreëerd, waarbij de klank van Rema-Rema is omgezet in een geur. Hoe gaaf is dat?

Het verhaal van Rema-Rema was er een van ‘even knipperen en je hebt het gemist’. Dat hun enige ep ‘Wheel In the Roses’ zo invloedrijk bleek te zijn, komt doordat ze een bepaald moment in de muziekgeschiedenis vastlegden, waarna iedereen verder ging, ook de voormalige bandleden. Pas achteraf beseffen mensen hoe belangrijk dat ene moment was.

‘What You Could Not Visualise’ werd – en wordt misschien nog steeds – vertoond in kleine bioscopen, bijvoorbeeld in Gent in België, en op filmfestivals over de hele wereld. Regisseur Marco Porsia heeft ook een eerste oplage op Blu-ray uitgebracht, die snel uitverkocht was … dus veel succes met het vinden van deze film. Als je even met je ogen knippert, heb je hem gemist. Je kunt alleen maar hopen dat meneer Porsia besluit om een tweede oplage te laten maken. Je kunt het Vimeo-kanaal van Marco Porsia HIER vinden.

Boeken uitgegeven door Dorothy Max Prior

Dorothy Max Prior, de eigen Moe Tucker van Rema-Rema, heeft twee boeken gepubliceerd waarin ze terugblikt op haar leven in de late jaren 70 en de jaren 80.

In haar eerste boek – ‘69 Exhibition Road’ – schrijft ze over haar leven op datzelfde adres in Londen, terwijl ze zich halsoverkop in de ontluikende punkscene stortte en verder ging, wat uiteindelijk leidde tot haar drumcarrière in verschillende bands, waaronder Rema-Rema, naast haar werk bij het ICA (Institute for Contemporary Arts) en andere banen. Verwacht ooggetuigenverslagen van mensen als Jordan, Stuart (later Adam Ant), Sid Vicious, Marco Pironi (eerste Banshee, gitarist van Rema-Rema en later haar vriend, en toekomstige Ant), Genesis P-Orridge, Alex Fergusson, Monte Cazazza, en nog veel meer.

Wat echt interessant is: aan het einde van het boek heeft Max een korte ‘wie is wie’-lijst opgenomen van de mensen die in het boek worden genoemd, en ze heeft ook een sectie waarin ze per hoofdstuk verschillende films, muziekalbums en boeken, naast andere invloeden, met elkaar verbindt. Maak aantekeningen en ga naar de bibliotheek en/of platenzaak!

‘Sex Is No Emergency’, het tweede boek, ontleent zijn titel aan een citaat en single van Monte Cazazza. We lezen over Max’ leven als danslerares en uiteindelijk drummer voor onder andere Psychic TV. Psychic TV stond op het punt te transformeren van een grimmige avant-gardeband naar een hyperdelische band. Het studiowerk met Max kwam niet van de grond tijdens haar periode bij Psychic TV, afgezien van de single ‘Godstar’, maar verscheen later als het album ‘Allegory and Self’. Max spreekt over Genesis P-Orridge, Rose en Drew McDowall, Hilmar Örn Hilmarsson, Björk, Derek Jarman; en natuurlijk James ‘Foz’ Foster, destijds gitarist van The Monochrome Set, vader van haar kinderen en toekomstige echtgenoot. ‘Sex Is No Emergency’ bevat ook een hoofdstuksgewijze lijst met discografie, filmografie en bibliografie.

Zowel ‘69 Exhibition Road’ als ‘Sex Is No Emergency’ lezen als een trein en zijn geschikte metgezellen voor wie oprecht geïnteresseerd is in punk, postpunk en andere vormen van tegencultuur, of het nu om muziek of andere kunstvormen gaat. Bij Jove, ze behoren nu al tot mijn favorieten, samen met ‘Art Sex Music’ en ‘Re-Sisters’ van Cosey.

Beide boeken zijn uitgegeven door Strange Attractor en je kunt ze HIER bestellen.

Facing the Other Way – The Story of 4AD

Dit boek van Martin Aston bleek een waardevolle bron te zijn bij de voorbereiding van dit interview en artikel. Aston duikt diep in de archieven (posters, promotiefoto's, albumhoezen) en heeft talloze interviews met bandleden en medewerkers van het legendarische label dat werd opgericht door Ivo Watts-Russell en Peter Kent.

Rema-Rema, Bauhaus, The Birthday Barty, Mass, Cocteau Twins, Dead Can Dance, The Wolfgang Press, This Mortal Coil, Xmal Deutschland, His Name Is Alive … Ik bedoel …

Het boek werd in 2013 uitgegeven door The Friday Project, een imprint van HarperCollins, en is niet meer in de boekhandel verkrijgbaar, maar online nog wel.